skip to Main Content
Boomsubstraat en wortelcomfort!

Boomsubstraat en wortelcomfort!

Bomengrond in Katelijnevesten in Brugge
10.12.2019

Boomsubstraat en wortelcomfort!

Auteur: Marc Verachtert, groenjournalist

Om bomen in een stad, straat of plein volop kansen te geven is aandacht voor het plantgat nodig. Tuinaannemers en boomverzorgers stoppen klimaat- en toekomstbomen niet in bloempot, ze geven ze ruimte en waar nodig ook een wortelverwennend substraat.

Groenprofessionals weten het. Een boom gaat ondergronds erg ver. Zowel in oppervlakte als diepte. We citeren Tom Joye, boomexpert bij Inverde: “Een volwassen eik heeft 100 m³ wortelruimte nodig”. Het confronteert met de werkelijkheid. Waar in een stad, tenzij in grotere parken, kan je bomen die ruimte geven? “Het vraagt anders denken. We moeten geen grote aantallen bomen planten, wel bomen die groot en oud mogen worden. Al zijn het er dan minder, hun positief effect op klimaat en straatbeeld zal eens zo groot zijn”.

Essentials:


  • Een volwassen eik heeft 100 m wortelruimte nodig.

  • Liever minder bomen, maar dan wel bomen die groot en oud mogen worden.


Ruimte voor boomwortels


Om bomen heus toekomstkansen te geven is in de meeste gevallen een op zijn kop zetten van plannings- en werkprocessen nodig. “Groendeskundigen moeten vanaf de eerste krijtlijnen van een project betrokken worden” zegt tuinarchitect Lieven Vereecke. Hij heeft al flink wat boomcorrecties op openbare pleinen op zijn palmares heeft staan. “Mee praten van in het begin zorgt ervoor dat bomen de plaats en de ruimte krijgen die ze verdienen. Later bijsturen confronteert je met extra moeilijkheden en veroorzaakt vaak extra kosten”.

Idem voor de uitvoering van de werken. Nu is groenaanleg en het planten van bomen vaak een hekkensluiter van het project. Heel wat wegenbouwers en stratenmakers graven het plantgat pas na het afwerken van de verharding. Het is dus erg klein en vaak nog deels gevuld met betonresten en ander puin, terwijl de zijkanten opgaan in de fundering van straat of plein. Na het vullen, valt het allemaal niet meer op. Het ziet er zelfs erg goed uit. Alleen: de boom staat in een bloempot! En dat terwijl er volop mogelijkheden zijn om de boom een mooie toekomst te geven.

Essentials:

  • Geen bomen in een bloempot!

  • Groenprofessionals moeten van het begin mee aan tafel.


Bomengrond helpt


Een verhardingsvrije plantstrook zou vanzelfsprekend het ideaal zijn, maar kan in de meeste gevallen niet. Nood aan brede voetpaden, veilige fietspaden, aparte busbanen, pleinen geschikt voor evenementen, … dwingen nu eenmaal tot verharding. De doorwortelbare ruimte kan er echter -en gelukkig maar- onderin schuiven. Het komt erop aan substraat te gebruiken dat zich niet laat samendrukken en ervoor te zorgen dat water, lucht en eventueel voeding tot in het substraat raakt en actief bodemleven mogelijk is.

Gewone teelaarde komt in dit soort situaties dus zelden tot nooit in aanmerking. Er moet overgeschakeld worden richting substraat. “In Vlaanderen wordt het nog weinig gebruikt. Het is natuurlijk nog vrij nieuw. Hier en daar beseffen groendiensten toch al de noodzaak ervan en schrijven ze het steeds vaker voor in hun bestekken”. Vraag is natuurlijk wat en hoe voorschrijven. “Er bestaat nog geen normering. Producenten mogen totaal verschillende grondstoffen gebruiken” duidt Tom Joye het probleem. “Maar laat dat geen reden zijn het toch al te gebruiken. Er is wel degelijk kwaliteit op de markt, maar kies wel passend”.

Wegwijs in bomengrond


“Erg belangrijk is te weten of het substraat moet gaan voor draagkracht of niet” is de intro van Günther Van Hulle, Technisch Commercieel adviseur bij een van de grotere aanbieders. “Niet-draagkrachtige boomplantsubstraten verdragen geen verdichting. Ze zijn daarom alleen toepasbaar in open grondsituaties of als vulling van een groeiplaatsconstructie. Het zijn ondermeer mengsels van lichte teelaarde en stabiel organisch materiaal, dit product verrijkt met humusrijke bosgrond, nuttige micro-organismen en lavadrain of een licht en poreus substraat, rijk aan voedingsstoffen”. De keuze wordt bepaald door de mate waarin men de boom wil prikkelen tot inwortelen en groeien.

Bij de substraten met draagkracht maakt Günther een onderscheid over hoeveel draagkracht die nodig is. “Onder voet- en fietspaden, moet het substraat minder gewicht torsen dan onder een parking. Het verschil zit hem dan ook eerder in de structuur van het materiaal. Voor gebruik onder voet- en fietspaden opteren we voor eentoppig en dus niet samendrukbaar zand, onder parkeerplaatsen, opritten en rijwegen adviseren we een skeletbodem met 70% gesteentecomponent en 30% voedingsgrond”.

Het laat zich voorspellen dat de komende jaren heel wat beweegt op de markt van substraten en bomengrond. Niet alleen omdat normering en kwaliteitscriteria op komst zijn, maar ook omdat info over het hoe en wat in andere landen via studiedagen tot bij ons geraakt. Zweden en dan voornamelijk Stockholm inspireert daarbij. Tom Joye: “Ze gebruiken er biochar in een mengeling met gebroken graniet. Het is bij ons absoluut nog niet toegepast, maar gaat wel voor flink wat voordelen, waarbij het terug in de bodem brengen van koolstofopslag zeker niet de minste is. We zijn namelijk al decennialang de bodems aan het uitputten. Biochar gaat echter nog voor meer, van het verbeteren van de bodemstructuur, het vasthouden van vocht en voeding tot en met het stimuleren van bodemleven”.

Essentials:

  • Draagkracht en dus sterk zijn tegen samendrukken bepaalt de keuze van bomengrond.

  • Op dit ogenblik zijn er nog geen officiële normen en kwaliteitscriteria voor substraten.


Lucht, water en bodemleven zijn nodig


Hoe goed en kwaliteitsvol een bodemsubstraat ook is, verstopt onder ondoordringbare verharding kan het maar ruimte en kansen geven aan wortels indien er lucht en water bij kan en er zich bodemleven in ontwikkelt. Lucht in de bodem laten doordringen kan op vrij eenvoudige manieren, met bemantelde en geperforeerde beluchtingsdrains die door middel van een of enkele verticale kokers in contact staan met buitenlucht, zo weten groenprofessionals.

Dat het water geven via de beluchtingsdrain niet effectief is, is minder geweten. Günther Van Hulle: “Het brengt water naast en onder de wortelkluit. Een goed irrigatiesysteem ligt boven de wortelkluit. Het kan wel indien het als gecombineerde bedoelde systeem halfweg de wortelzone wordt gelegd, op ongeveer op 35 cm diepte. Op die manier zorgt het voor lucht voor het bovenste deel van de wortelzone en water voor het onderste deel”.

Een buitenbeentje in de opbouw van een plantplaats voor bomen is het integreren van een zowel irrigerend als drainerend systeem onder het substraat. “Het systeem buffert water van bijvoorbeeld dakafvoeren of straatkolken en creëert zo een schijngrondwaterstand. Capillaire conen gidsen het gebufferde water richting substraat en dus wortels. Is er een teveel, dan wordt het afgevoerd. In het meest ideale geval vanzelfsprekend richting ondergrond om de grondwaterreserve aan te vullen. Of dit systeem nodig is? Lieven Vereecke paste het al enkele keren en absoluut bewust toe. “Met de steeds toenemende droogteperiodes zeker wel, want stockeert water op momenten dat het regent en zorgt ervoor dat bomen een -ondanks hun abnormale standplaats in ideale omstandigheden kunnen groeien”.

Essentials:

  • Breng lucht en water onder de ondoordringbare verharding.

  • Lucht moet onder en naast de wortels terecht komen, water erboven of via capillaire werking beschikbaar zijn.

Back To Top
The Green City uses Googles cookies and scripts to analyse your use of our website anonymously, so we can customise its functionality and effectiveness and display advertisements. We also use Facebook, Twitter, LinkedIn and Google cookies and scripts, with your consent, to enable social media integration on our website. If you wish to change which cookies and scripts we use, you can alter your settings below.
Cancel